Stagepact mbo 2023-2027: wat er is afgesproken en wat ervan terechtkomt
Scholen, werkgevers, vakbonden en het Rijk spraken af om stages in het mbo te verbeteren. Halverwege loopt de begeleiding vanuit school achter, en komt er een wettelijk recht op stagevergoeding aan.

In februari 2023 tekenden de ministeries van OCW en SZW, studentenorganisatie JOB mbo, de MBO Raad, SBB, werkgevers- en werknemersorganisaties en de VNG het Stagepact mbo. Ze spraken af om vier dingen te regelen voor mbo-studenten die stage lopen. Het pact loopt tot eind december 2027 en is onderdeel van de Werkagenda mbo.
We zijn over de helft. Goed moment om te kijken wat er is afgesproken, wat daarvan terechtkomt, en wat er nu aankomt: een wettelijk recht op stagevergoeding.
De vier afspraken, in gewone taal
Betere begeleiding. School en leerbedrijf begeleiden de student samen. Er moeten minstens drie contactmomenten zijn tussen student, school en leerbedrijf, waarvan één fysiek op locatie bij het leerbedrijf.
Geen stagediscriminatie. Iedere school zorgt voor een laagdrempelig meldpunt met ondersteuning en nazorg. Meldingen gaan naar SBB, dat onderzoek kan doen en zo nodig de erkenning van een leerbedrijf intrekt. Daarnaast wordt gewerkt aan stagematching, om te beginnen voor eerstejaars: de koppeling gaat dan op leerwensen en competenties, niet op persoonlijke kenmerken.
Genoeg stageplekken. Zonder stage kan een student de opleiding niet afronden. SBB brengt vraag en aanbod in beeld en werkt met werkgevers aan het tekort. Voor leerbanen ondersteunt OCW bedrijven met de subsidieregeling praktijkleren.
Een passende vergoeding. Het leerbedrijf vergoedt minimaal de kosten die een student maakt om stage te kunnen lopen, inclusief reiskosten en de VOG. Daarbovenop moet in elke cao een afspraak komen over een passende stagevergoeding. Bij een bbl-traject horen naast die onkostenvergoeding ook een arbeidscontract en loon.
Waar het halverwege staat
In juli 2026 stuurde minister Letschert van OCW een samenvatting naar de Tweede Kamer van wat de partners voor de tweede helft hebben afgesproken. De toon is opvallend eerlijk:
Tegelijkertijd hebben we gezamenlijk met de partners geconstateerd dat de ingezette acties onvoldoende resultaat hebben opgeleverd. Dit maakt verdere intensivering noodzakelijk.
Er is dus beweging, maar te weinig, en daarom ligt er nu een aanvullend actieplan. Per afspraak ziet het er zo uit.
Begeleiding. Die vanuit het leerbedrijf krijgt goede cijfers van studenten. Die vanuit school blijft achter: in de tussentijdse JOB-meting van 2025 is gemiddeld 37 procent daar tevreden over, tegen 34 procent in 2024. Vooruitgang, maar klein. De drie contactmomenten worden nog niet door alle instellingen nageleefd.
Stagediscriminatie. Geen verbetering in de recente cijfers. Begeleiders op scholen worden zich er geleidelijk bewuster van, maar hun kennisniveau blijft beperkt, vooral bij subtielere vormen. Bij leerbedrijven gaat het langzamer: door te weinig kennis wordt het er vaak niet herkend. Er zit bovendien een knoop in de aanpak, want leerbedrijven noemen het klikgesprek onmisbaar, terwijl objectieve stagematching juist vereist dat dat gesprek er niet is. En veel scholen hebben wel een meldpunt, maar studenten kunnen het te vaak niet vinden.
Stageplekken. In 2025/2026 staan 467.329 mbo-studenten ingeschreven, van wie 4.695 zonder stage of leerbaan: ongeveer 1 procent. Landelijk valt het dus mee. Maar dat gemiddelde verbergt waar het pijn doet, want bij entree-opleidingen en niveau 2 loopt het tekort sneller op, en in de zorg is het tekort het grootst en groeit het nog.
Vergoeding. Het aandeel cao's met een afspraak steeg van 10 procent in 2023 naar 24 procent in 2025, terwijl het aantal studenten dat er daadwerkelijk een krijgt nauwelijks steeg. Er wordt dus meer afgesproken dan uitbetaald.
Wat er nu aankomt: een wettelijk recht op stagevergoeding
Dat laatste is precies waarom de minister op 3 juli 2026 een hoofdlijnenbrief naar de Tweede Kamer stuurde. De kern: er komt een wettelijk recht op een stagevergoeding, voor studenten in het mbo, hbo en wo.
Belangrijk detail: er komt geen wettelijk minimumbedrag. De wet legt vast dát er een vergoeding komt, niet hoeveel; de hoogte blijft aan sectoren en cao's. De mogelijkheid om later alsnog een bedrag vast te stellen komt wel in de wet, voor als vrijwillige afspraken te weinig opleveren.
Die keuze is een afweging die het waard is om te kennen. Een verplicht minimumbedrag zou in sommige sectoren stageplekken kunnen kosten, vooral bij kleine bedrijven en juist bij entree-opleidingen en mbo-2. Dat zijn de groepen die nu al het kwetsbaarst zijn.
Verder staat er dit in de brief:
- Het recht geldt voor stages die verplicht zijn of onderdeel van het curriculum. Bbl-studenten met een arbeidsovereenkomst en loon vallen erbuiten, en dat is 97 procent van hen. Korte oriëntatiestages worden uitgezonderd.
- In het hbo en wo komt er een verplichte stageovereenkomst tussen school, bedrijf en student, zoals die in het mbo al bestaat.
- Er komt geen nieuwe toezichthouder op de uitbetaling. Wie zijn vergoeding niet krijgt, kan naar de civiele rechter. De brief erkent zelf dat die drempel hoog is, omdat een student voor de beoordeling van datzelfde bedrijf afhankelijk is.
Het wetsvoorstel gaat naar verwachting vóór de zomer van 2027 in internetconsultatie. Het Stagepact loopt tot eind 2027, dus de twee overlappen.
Wat dit betekent als je stage gaat lopen
Het Stagepact is een akkoord tussen organisaties, geen wet, dus je kunt er niemand mee voor de rechter slepen. Maar je school heeft ondertekend en de werkgeverskoepels ook, dus je weet waar je naar kunt vragen.
- Vraag naar de drie contactmomenten als ze uitblijven. Dat ze er niet altijd zijn, is een van de punten waar het actieplan zich op richt.
- Bespreek je onkostenvergoeding voordat je de stageovereenkomst tekent, niet erna.
- Vraag je school welke cao voor je stagebedrijf geldt. In het actieplan staat dat scholen die afspraken in de stagevoorbereiding kunnen meenemen.
- Kun je het meldpunt van je school niet vinden, vraag er dan naar bij je stagebegeleider. Dat je het niet vindt is een bekend probleem, geen teken dat het er niet is.
- Zit je in entree, niveau 2 of de zorg? Begin eerder met zoeken dan je klasgenoten.
Wat dit betekent als je stagiairs begeleidt
De begeleiding vanuit het leerbedrijf is het onderdeel waar studenten wél tevreden over zijn. Wat hier volgt gaat dus niet over inhalen, maar over voorbereid zijn op wat eraan komt.
- Zoek op wat er in jouw cao staat over stagevergoeding. Het kan zijn dat er al iets voor je geldt, en de sociale partners gaan daar actiever op toezien.
- De onkosten zijn geen toekomstmuziek: die horen nu al vergoed te worden, wet of geen wet.
- Kijk naar je klikgesprek. Schrappen hoeft niet, maar het is wel het moment waarop vooroordelen meewegen. VNO-NCW, MKB-Nederland en SBB brengen via de campagne "Check je stageplek op discriminatie" een wegwijzer onder de aandacht met bestaande instrumenten voor objectief werven en selecteren.
- Loop je vast op begeleidingscapaciteit, kijk dan naar lintstages (een paar dagen per week over een langere periode) of blokstages. Er wordt ook gewerkt aan spreiding van stageperiodes per regio.
Waar Stagemeter hierin past
Twee van de vier afspraken lopen vast op hetzelfde: alles wordt gemeten op stelselniveau. Landelijke percentages over begeleiding, landelijke percentages over cao's. Maar niemand loopt stage bij een stelsel en niemand neemt een stagiair aan als stelsel. Het gebeurt per bedrijf, en daar is het onzichtbaar.
Daarom vragen we studenten na afloop van hun stage om een cijfer voor begeleiding, leerzaamheid, werksfeer en werkdruk, om wat er goed ging en wat beter kan, en om de vergoeding die ze kregen. Dat staat bij de review op de bedrijfspagina. Een review kan alleen bestaan na een stage die door beide partijen is bevestigd, en de naam van de student staat er nooit bij.
Voor een student is dat de informatie die ontbreekt op het moment van kiezen. Voor een leerbedrijf is het de eerste plek waar goede begeleiding meer is dan een streepje in een sectorgemiddelde.
Dat maakt het Stagepact niet overbodig. Afspraken over vergoeding en discriminatie moeten van de sector zelf komen. Maar wat er in één bedrijf gebeurt, hoeft niet te wachten op de volgende landelijke meting.
Bronnen: de themapagina over het Stagepact mbo en de samenvatting van het Stagepact van het ministerie van OCW, de Kamerbrief van 3 juli 2026 over het wetsvoorstel stagevergoedingen (Kamerstuk 31524 nr. 710), en de bijlage bij die brief, Aanvullende acties Stagepact 2026-2027.
Wil je weten wat wij vragen na afloop van een stage? Dat staat in de reviewrichtlijnen.